zondag 27 februari 2011

Philip's kookkunsten - chocolade taartje

Ik hoor altijd van "O, Philip wat kan je goed koken!" "Wat smaakt dit lekker, Philip!" "Jij word zeker een chefkok later, Philip" "Philip, Kook jij vanavond?" Ik wil dan ook zeker een kok worden later. Koken is mijn passie, mijn ding. Als je begrijpt wat ik bedoel. Om dat te bereiken moet je klein beginnen, op internet. Daarom ga ik al mijn lekkerste recepten hier voor jullie plaatsen.
We beginnen met iets kleins. Een nagerecht.


Chocolade taartje.


Benodigdheden:
50 ml slagroom
50 g extra pure chocolade 72%, grof gehakt
2 plakjes roomboterbladerdeeg (pakje 450 g, diepvries), ontdooid
1 el cacao (pak 250 g, Droste)
1 el witte bastardsuiker
2 el frambozen (à 125 g)

½ bakje verse frambozen (à 125 g)
2 taartvormpjes (Ø ca. 9 cm), ingevet

Breng de slagroom in een steelpan tot tegen de kook. Neem het van het vuur, voeg de chocolade toe en laat het smelten. Laat de chocoladeroom in de pan afkoelen en 1 uur op kamertemeratuur opstijven.
Vewarm de oven voor op 200 °C. Bekleed de taartvormpjes met het bladerdeeg en prik hier met een vork gaatjes in. Meng de cacao met de suiker en bestrooi het bladerdeeg hiermee. Bak de taartvormpjes on ca. 20 min. goudbruin en gaar. Laat het afkoelen.
Bestrijk elk taartbodempje met 1 el frambozenjam en verdeel de chocoladeroom erover. Verdeel de frambozen hierover.

Je kunt de taartjes 1 dag van tevoren bereiden. Bewaar afgedekt in de koelkast en leg de verse frambozen er vlak voor serveren op.

Ik hoop dat je ervan gaat genieten.
Bon appétit en eetsmakelijk.
(Al deze recepten zijn te vinden in de Allerhande van de Albert Heijn.)

zaterdag 26 februari 2011

Lonely car

Once upon a time there was a little car. He was raised by his uncle, because his parents were destructed. He drove around with nothing to do. He felt empty. He decided to find an owner. He went to the shop and bought one. It was a grown man who drove him as fast as he could. They drove happily ever after.

vrijdag 25 februari 2011

non-stop prater

"hallo ik ben klaas wie ben jij ken ik jou ergens van ik dacht het wel ik ken jou ergens van ken ik jou van de snackbar of ken ik jou van de bioscoop ken ik jou van de kerk of ken ik jou van de bank of ken ik jou van de ijsbaan ken ik jou van het restaurant of ken ik jou van school of wacht ik ken jou van de sportschool want daar ga ik elke week heen zie je deze spierballen die heb ik zelf gekweekt daar ben ik erg goed in want eerst waren ze nog heel klein maar toen ging ik een paar maanden geleden voor het eerst naar de sportschool maar daar kende ik nog niemand maar toen zag ik jou hier op die fiets zitten en toen dacht ik zal ik maar even met hem gaan praten maar dat was gister he toen gingen we ook al praten met elkaar maar nu is het dinsdag want gister was het maandag weetje dat elke dag van de week vernoemd is naar een griekse god maandag is van de maan want die vereerden ze ook dinsdag is vernoemd naar de god tyr dat is een zoon van wodan en naar wodan is woensdag vernoemd donderdag is vernoemd naar donar dat is ook een zoon van wodan vrijdag is vernoemd naar de godin freya dat is de godin van de liefde zaterdag is vernoemd naar de god saturnus dat is de god van de boeren en ook een planeet in het heelal zondag is vernoemd naar de zon maar dat lijkt me logisch en nu we het toch over het heelal hebben met staturnus en de zon en de maan ben jij daar al een keer geweest ik nog niet ik wil wel heel graag naar de ruimte maar het is wel heel duur een ritje op en neer kost wel tweehonderdduizend dollar dat is wel vijfendertighonderdduizend euro dat is wel een beetje teveel maar als ik dat kon betalen zou ik naar pluto gaan zo heet het hondje van oma's huisje ook dat is echt een schatje het is een kruising tussen een labrador en een duitse herder hij is heel lief al kan hij soms een beetje druk zijn maar dat maakt niet uit want hij heet pluto vernoemd naar het hondje van mickey je kent mickey vast wel mickey mouse van donald duck die is cool hij lost altijd allemaal zaakjes op als er een boef iets slechts doet dan gaat hij erachteraan en dan gaan hij samen met commisaris o hara en pluto natuurlijk die zaak oplossen en soms gaat goofy ook mee maar die helpt niet echt die zit alleen maar klunsig te doen hij is altijd heel klunsig hij ging ook een keertje per ongeluk naar het heelal naar allemaal marsmannetjes denk jij dat marsmannetjes bestaan ik wel want ik heb ze een keer in het echt gezien toen gingen ze tegen me praten en weetje wat ze zeiden ze zeiden dat ik hun nieuwe koning moest zijn maar dat kon niet want dan zou ik naar het heelal moeteen gaan maar daar kan ik niet leven want daar is geen zuurstof en zonder zuurstof kunnen we niet ademen en als we niet ademen gaan we dood dat is best wel eng als je stil moet zijn hou je je adem in maar dat moet je niet te lang doen want anders ga je dood ik wil nog niet dood ik heb een heel leuk leventje hoor behalve dat al mijn familie er niet meer is mijn moeder en vader gingen in hawaii wonen en mijn zus ging naar australie mijn broer zit in de gevangenis en weetje waarom hij ging een mooie sjaal voor mij maken een paar jaar geleden ik mocht hem passen maar hij zat iets te strak maar inplaats van hem eraf te halen deed hij hem alleen maar strakker maar daar kon hij niks aan doen want het was een hele moeilijke sjaal met allemaal zakjes eraan zodat ik er allemaal dingen in kon doen en er zaten ook knoopjes aan zodat ik hem daaraan kon vast maken maar toen was mijn moeder niet thuis maar de volgende dag gingen mijn ouders ook weer weg en toen deed ik mijn mooie sjaal weer om maar toen deed mijn broer hem per ongeluk over de lamp en toen bleef ik hangen maar ik kan me eigelijk niet veel van herinneren allen dat er heel veel politie kwam en veel mensen in witte jassen en me broer werd in een auto geduwd en dat is het laatste wat ik van hem heb gezien want ik lag in het ziekenhuis en mijn ouders gingen toen verhuizen en ik ging bij mijn zus wonen maar toen ging zij naar australie en ik mocht daar blijven wonen maar nu woon ik bij allemaal mensen samen ze zijn allemaal heel lief voor me maar soms moet ik naar me kamer toe als ik iets verkeerds heb gedaan dan worden de zusters boos weet je hoe dat huis heet het heet oma's huisje en dan staat eronder voor elke gek een plek en er is ook een mooie tuin met heel veel bloemetjes maar ik moet nu weer daar naartoe anders krijg ik geen eten tot volgende week."

donderdag 24 februari 2011

Prins Benjamin

`Benjamin! Kom eens hier!` Koningin Cristina staat klaar met een mooi jasje. ´Noem me nou geen Benjamin, gewoon Ben.´ Prins Ben loopt de trap af. Hij trekt het jasje aan. Het zit niet echt lekker. Maar ja, het moet. De plicht roept. Zijn moeder moet weer een of ander lintje doorknippen. Van zijn vader mocht hij het nooit zo noemen. “De taak van een koning moet je altijd serieus nemen.” Zijn vader is een paar jaar geleden overleden, vier om precies te zijn. Ben was toen twaalf. Koningin Cristina loopt naar de koets. Een van de bediende houd het deurtje open. Ben loopt achter zijn moeder aan. Hij bedankt de bediende en stapt in. Hij vindt het belangrijk dat je je personeel met respect behandelt en ze bedankt voor wat ze voor je doen.
De koetsier laat de paarden weten dat ze mogen lopen.
De koets komt in beweging. Op naar nog een saaie dag.
Onderweg rijden ze over de hobbelige weggetjes in de dorpjes. Iedereen die op straat loopt gaat aan de kant van de weg staan. De mannen nemen hun pet af en de vrouwen buigen diep. Koningin Cristina zwaait beleefd naar iedereen. Ben heeft daar nu even geen zin in. Hij moet elke dag zwaaien. Hij krijgt steeds pijn in zijn arm.
Hij kijkt heel geïnteresseerd naar het patroon in de binnenkant van de deur, zodat hij niet naar al die mensen hoeft te kijken.
Na een lange rit zijn ze er eindelijk. Het deurtje wordt open gemaakt. Een rij met mensen buigen als de koningin naar buiten stapt. Ook als Ben uit stapt buigt iedereen. Alle mensen zijn even mooi gekleed. De vrouwen staan achteraan, maar Ben kan zien dat ze allemaal mooie hoeden op hebben.
Er ligt een rode loper op de straat. Koningin Cristina loopt naar de grote deur. Daar staat de burgemeester van het stadje. Ben heeft geen idee hoe dit stadje heet. Het boeit hem ook niet echt. Hij zou het liefste thuis blijven. Vroeger vond hij het nog leuk, bij al die vreemde mensen op bezoek. Nu heeft hij bijna elk dorp al een paar keer gezien.
Ben schrikt op uit zijn gedachten. De mensen klappen. Hij klapt ook maar mee. Zijn moeder is blijkbaar klaar met haar toespraak. Ze geeft een grote sleutel aan de burgemeester.
De koetsier houd het deurtje van de koets open. Koningin Cristina en Ben stappen in. De terugreis lijkt korter dan de heenreis. Misschien komt dat omdat hij zo mag kaarten met het personeel.
Thuis trekt Ben meteen het jasje uit. Hij is blij dat hij zijn oude kloffie weer aan kan. Hij gaat naar beneden en pakt de stapel kaarten. Klaas komt aangelopen. Klaas is Ben´s persoonlijke bediende. Ze gaan zitten en ze beginnen te kaarten.